Veldwerk
Een vraagstuk in de kunst- en cultuursector wordt snel in een hokje geplaatst: governance hier, subsidie daar, een curatoriële opgave voor de volgende specialist. Ik begin liever niet met een afdeling maar met het veld zelf. Niet meteen ingrijpen, eerst kijken: wat is de geschiedenis van deze plek, wie zijn de mensen die haar dragen, welke ongeschreven regel houdt een samenwerking al jaren vast? Instituties zijn zelden wat hun organogram beweert dat ze zijn; pas als je de onderstroom kent, wordt zichtbaar wat er werkelijk speelt. Dan pak ik de opgave in zijn geheel aan, niet in fragmenten.
Samenspel
Een cultureel vraagstuk los je nooit alleen op. Ik breng partijen met botsende belangen aan één tafel; een gemeente en een verdeeld cultureel veld, een collectie en de stad eromheen en zoek naar wat hen ondanks alles verbindt, zonder de verschillen glad te strijken. Waar specialistische kennis nodig is, haal ik die erbij. Zo ontstaat eigenaarschap bij de mensen die er na mij mee verder moeten. Een advies dat eindigt bij mijn vertrek, is in feite geen advies maar uitstel: er komt altijd een heldere verdeling van rollen uit, werkende governance en afspraken die blijven staan.
Vorm en fundament
Al meer dan twintig jaar krijg ik opgaven die niet volgens een vast stramien kunnen worden aangepakt: een leeg gebouw dat een museum moet worden, een masterplan dat een werkende organisatie nodig heeft, een verdeeld cultureel landschap dat weer één richting op moet kijken. Wat ik oplever, past zich aan de opgave aan en niet andersom: een businesscase, een programmaraamwerk, een visiedocument of in de uitvoering als als kwartiermaker, onderzoeker of interim tot de organisatie zelf door kan. De vorm verschilt vaak maar het fundament niet: een aanpak die recht doet aan de belangen en de mensen die de opgave verder moeten brengen.